Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken

 

Bij slechte boeken horen saaie uitgevers

Chroom Digitaal Columns, april 2003

door Bert van Weenen

Alle trammelant rond christelijke literatuur moet maar eens afgelopen zijn, zegt Dirk Aangeenbrug als woordvoerder van het CLK in een gesprek met Lodewijk Dros (Trouw 7 maart). Aangeenbrug is het spuugzat – als ik zijn gevoelens even in één woord samenvat – en hij ziet ook geen enkele toekomst meer voor literaire activiteiten op de christelijke boekenmarkt. Aangeenbrugs jeremiade komt er vooral op neer, dat er in zijn ogen geen aansluiting bestaat tussen de wensen van christelijke lezers en datgene wat literaire auteurs bij christelijke uitgevers aanbieden ter publicatie.

Wat het eerste punt betreft kan Aangeenbrug terugvallen op een grootschalig marktonderzoek dat het Christelijk Lektuur Kontakt (CLK) vorig jaar heeft laten verrichten door studenten van de Christelijke Hogeschool Ede. Daaruit kwam het beeld naar voren van een tamelijk zelfgenoegzame club van uitgevers en boekhandelaren, met als klanten een tevreden christelijk publiek. Bij het CLK, waarin zowel de producenten als de verkopers van boeken en cd's vertegenwoordigd zijn, ligt de focus vooral op het behalen van meer omzet en het behoud van bovengenoemd gunstig imago. Uit de uitspraken van Dirk Aangeenbrug leid ik af, dat christelijke uitgevers vooral geen risico willen lopen. Een negatieve recensie in het Reformatorisch Dagblad is nu eenmaal desastreus, volgens Aangeenbrug, dat moet koste wat het kost worden voorkomen.

De achterliggende gedachte is waarschijnlijk, dat christenen sneller geneigd zijn om een geruchtmakend boek te boycotten dan om het in grote getale aan te schaffen en er zelf een eigen mening over te vormen. O wee als de dominee ziet dat je Jan Wolkers leest! Een heel ander marktmechanisme klaarblijkelijk dan in de niet-christelijke wereld, waar een uitgever als Geert van Oorschot van elke rel rondom een van zijn boeken een verkoopsucces wist te maken.

Beproeving

Geen problemen dus met de christelijke lezers, maar des te meer met de christelijke schrijvers. Als die eens met een sterk boek komen, staat dat vol met allerlei zaken die voor de christelijke lezers taboe zijn: erotiek, geloofstwijfel, openhartige gebeden en – om de ramp helemaal compleet te maken – zelfrelativerende humor. Daar krijg je als uitgever op de christelijke markt alleen maar gezeur mee, vindt Aangeenbrug.

Maar wat is er eigenlijk mis met een roman die moeilijke kwesties aansnijdt? Mogen christenen zich daar niet door middel van een fictief verhaal over uitspreken? Ik denk dat culturele producten, niet alleen boeken maar evenzeer muziek, toneel of beeldende kunst, uitsluitend tot volle wasdom kunnen komen door de confrontatie met wat er in mensen leeft. Die beproeving mag niet al bij voorbaat worden weggewimpeld vanwege een gemakzuchtige, toegeeflijke houding ten opzichte van de markt. Waarom zou een christelijke uitgever niet eens een risico nemen door een wat moeilijker boek te publiceren waarin het christelijk geloof in zijn volle heerlijkheid, met alle positieve én negatieve aspecten, aan bod komt?

Wat het CLK vergeet, is dat je eerst moet zaaien voordat je kunt oogsten. Investeren in een goed christelijk-literair klimaat met voldoende publicatiemogelijkheden (boeken, tijdschriften, internet) is de bijdrage die auteurs van hun christelijke uitgevers verwachten. Anders kunnen ze toch net zo goed overstappen naar een seculier uitgevershuis?

Bloeiperiode

Nu loop ik zelf al ruim twintig jaar rond in het wereldje van de zogeheten "christelijke literatuur" en ik kan op grond van die ervaring alleen maar zeggen dat ik Aangeenbrugs pessimisme niet deel. De literatuur floreert op christelijk gebied wel degelijk. Er is een fraai, kwalitatief hoogstaand literair tijdschrift (Liter), er zijn twee actieve auteursverenigingen (Schrijverskontakt en Schrijvenderwijs) en het Christelijk Literair Overleg (CLO) organiseert elk jaar een goedbezochte literatuurdag in Houten. Je kunt er meer over lezen in de uitvoerige brochure die Tjerk de Reus hierover schreef in opdracht van het CLO.

In dit verband is het trouwens merkwaardig, dat Aangeenbrug in zijn gesprek met Lodewijk Dros voorbijgaat aan het succes van de CLK-actieboekjes, geschreven door Ronald Westerbeek ('Kaj'), Jaap Zijlstra ('De glazen schelp') en Joke Verweerd ('Wapenbroeders'). Zo doet het actieboek van Verweerd qua literair niveau zeker niet onder voor boekenweekgeschenken als die van Leon de Winter en Ronald Giphart. Ik schaam mij er niet voor 'Wapenbroeders' in mijn boekenkast naast 'Oeroeg' van Hella Haasse te zetten. Haasse is natuurlijk de top, maar binnen de Nederlandse literatuur spelen ook mindere goden een rol van betekenis. Daar gaat de christelijke uitgever, gepersonifieerd in het CLK, te gemakkelijk aan voorbij.

Een uitgever die zijn koers laat bepalen door de wensen van een markt vol – zoals onderzocht – duffe en conservatieve lezers, zal nooit iets groots tot stand brengen. Hij vult de wereld met zijn eigen saaiheid. Maar misschien wil hij ook helemaal geen literair succes. Misschien wil hij alleen maar een zo hoog mogelijke omzet behalen, tot meerdere eer en glorie van de uitgeverij, met veronachtzaming van de (christelijke) cultuur.

Leerdam, 9 maart 2003

 

 

 

Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur