Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken

 

Succesvolle Wilma-dag in Beekbergen en Eerbeek

Chroom Digitaal Columns, juni 1999

door Joke Verweerd

Op 12 juni jongstleden hield de Wilma-stichting haar jaarlijkse bijeenkomst in Het Hoogepad, achter de Beekbergense dorpskerk. Deze dag stond in het teken van de vriendschap tussen Wilma Vermaat en Willem de Mérode. De goedbezochte ontmoetingsdag had meteen al het karakter van weerzien. Het blijkt een trouwe club te zijn die jaarlijks nog de herinnering aan de schrijfster Wilma Vermaat wil herdenken en koesteren. Voorzien van koffie schoven rond half elf ruim 80 belangstellenden benieuwd de zaal in, in afwachting van de lezing van Hans Werkman, die als biograaf van De Mérode de vriendschapsband tussen Willem en Wilma kwam belichten. 

Zo'n lezing is Hans Werkman toevertrouwd. Op een plezierige ontspannen manier zette hij zijn kanttekeningen bij een authentiek interview, dat hij op 6 juni 1964 had met de toen 91 jaar oude schrijfster Wilma. Wilma vertelde open en eerlijk over het ontstaan en de groei van de vriendschap met De Mérode. Haar boek 'Gods gevangene', waarin de hoofdpersoon worstelt met zijn homoseksuele identiteit, had Willem de Mérode op haar spoor gezet en hij vroeg haar dat thema nog verder uit te diepen. "Schrijf over een vriendschap tussen een man en een jongen, een vriendschap die zuiver is," vroeg hij haar. 

Toen Willem de Mérode later wegens zijn vriendschap met jongens veroordeeld werd tot een gevangenisstraf, begreep Wilma pas hoe het kwam dat hij zo geraakt was door 'Gods gevangene'. Zij bleef trouw aan hun vriendschap en daar teerde Willem de Mérode op. Hij had zo veel "verspeeld" en voelde zich zo "verguisd", dat de door Wilma in vriendschap uitgestoken hand aangegrepen werd als een reddingsboei. 

"Weet je Willem, wat jullie in je bergen? Het is de 'moeder'," zei Wilma eens tegen hem, omdat ze merkte hoe teer en liefdevol hij sprak over zijn jongens. Willem kon niet anders dan dit beamen. Hij logeerde na zijn gevangenisperiode enige tijd bij Wilma en kon later een kamer huren in de boerderij van mevrouw Doom te Eerbeek. 

In het persoonlijke verhaal waarbij we in gedachten tijdens het interview aanschoven aan de tafel in Wilma's huis, wist Hans Werkman het geïnteresseerde publiek te boeien en te ontroeren door wat hij vertelde over Wilma's warme medemenselijkheid en de levensworsteling van haar vriend Willem de Mérode. 

Na de bespreking van de lezing volgde een declamatie uit het werk van (en over) Willem de Mérode. Onder andere het gedicht 'Ballade van de vergeefse liefde' dat Muus Jacobse schreef als In Memoriam voor Willem de Mérode. De tweede strofe van dit gedicht luidt: 

"Mijn zinnen rijpten tot een overvloeien
van liefde en verlangen zich te geven
geurend als rozen, hun bedwelmend bloeien
naar de bevruchting van de nacht geheven:
O nachten van geluk en zalig beven
en dromen, in een mateloos vermoeien,
hoe ik als moeder met het kind zou stoeien,
tot het vertrouwend aan mijn schouder rustte...
anders was ik - geen die mijn lippen kuste.
Anders was ik - dat heb ik steeds misdreven.
Want mijn vertederingen en mijn lusten
hebben zij nooit verstaan en nooit vergeven -
Anders was ik, anders ben ik gebleven." 

Na de lunch bezocht het gezelschap de boerderij waar de dichter heeft gewoond en het graf waar hij begraven ligt. Het zal de Eerbeekse dorpsgemeenschap misschien enige hoofdbrekens hebben bezorgd, waar dat grote gemengde gezelschap ter plekke naar op zoek was, maar het gezelschap zelf kan terugzien op een waardevolle bijeenkomst. Zo'n dag maakt duidelijk, dat de Wilma-stichting nog volop bestaansrecht heeft en de herinnering aan het leven van de schrijfster Wilma Vermaat nog volop facetten biedt om bij stil te staan. 

Woubrugge, 13 juni 1999  

 

 

 

 

Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur