Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken

 

Slachtoffer en godsdienst-fanaticus

Over 'Waanzee' (1999) van Robert Haasnoot

Chroom Digitaal Proza, oktober 2000

door Margriet Gosker

Uitverkoren zijn. Niet uitverkoren zijn. Godvrezendheid. Hulpeloos maar schuldig zijn. Gods toorn dragen. Als de schapen van de bokken worden gescheiden. De vreselijke en geduchte dag des Heren. Zomaar een paar woorden, die we veelvuldig aantreffen in de jongste roman van Robert Haasnoot en die onmiskenbaar de sporen dragen van bepaalde ontsporingen in de gereformeerde traditie...

De duivel

Op zee dobbert een logger, totaal onttakeld. Er is geen maatje vis meer aan boord. Alles wat los en vast zit, is van boord gegaan, zelfs de reling. Ook zonder reling is de Heer immers grootmachtig om de Zijnen te bewaren voor alle kwaad? Gevist wordt er al lang niet meer, want het einde der tijden is nabij gekomen.

De hele bestaande wereld is al vergaan in het gericht, had Arend gezegd. Inclusief Zeewijk. En de schepelingen, die geheel en al in de ban zijn van de charismatische matroos Arend, die het hogere Licht gezien heeft, wachten vol spanning af wanneer het reine witte schip eindelijk aan de einder zal verschijnen om hen regelrecht naar het hemelse Jeruzalem te brengen.

Helaas waren drie der hunnen in de ban van de duivel geraakt. Ze konden niet langer hun tochtgenoten zijn, had Arend gezegd. Het was niet vreemd, want ook onder Christus' eigen discipelen bevond zich toch een Judas? Deze had zich verhangen en daarom kreeg de twijfelaar Willem Hoek een touw in z'n handen gedrukt en toen hij zich niet kon en wilde verhangen, kon het niet anders: "Vuile Judas! Overboord ermee!". En nog twee mannen trof hetzelfde lot. De schepelingen behoorden tot de weinige uitverkorenen in deze verdoemde wereld. Hun wachtte een leven tot in eeuwigheid. Maar alles liep anders...

Gekkenlogger

De roman 'Waanzee' van de in Amerika geboren en in Katwijk opgegroeide Robert Haasnoot is het meest intrigerende en fascinerende boek dat ik heb gelezen sinds het verschijnen van het werk van Anna Enquist. Het speelt zich af in het jaar 1915: een hartverscheurende geschiedenis die bekend is geworden als het drama van de "Gekkenlogger". Het is gebaseerd op "het best bewaarde geheim van Katwijk". Een waar gebeuren waarover Haasnoot zijn vader in zijn jeugd in verwarde flarden had horen vertellen, maar waarvan de documentatie pas na zeventig jaar kon worden vrijgegeven.

Hoewel namen en bijzonderheden onherkenbaar zijn, is het hele relaas uit de Katwijkse religieuze tragedie zo levensecht beschreven dat men onder de indruk raakt van de tragiek van een godsdienstwaanzinnige die – mede door de apocalyptische sidderingen van de Eerste Wereldoorlog – zijn medeschepelingen zover weet te krijgen dat ze in hem een charismatisch leider en een absolute autoriteit gaan zien.

Ware heerser

Nadat heel de vissersvloot in het tweede oorlogsjaar een tijd lang aan de rede had gelegen uit vrees voor mijnen wordt de armoede in Zeewijk zeer nijpend en kiest het schip tenslotte in de zomer van 1915 toch zee. De schepelingen zijn onder de indruk van de vroomheid, het vaste geloof en de voortvarendheid van de hoogbenige kalende Arend, die zijn kaalheid als een Jacobsteken heeft ontvangen na een krachtdadige bekering.

Haasnoot heeft inzage gehad in de verslagen van het psychiatrische onderzoek dat de opvarenden, inclusief de psychotische hoofdpersoon, ondergingen en heeft met een groot inlevingsvermogen een knappe roman gecomponeerd. De lezer wordt meegenomen naar het gereformeerde leven aan het begin van de twintigste eeuw, met de hel- en verdoemenisprediking van ds Waalkamp. Deze weet in felle kleuren de gramschap en tekenen van de "Beschikker van ons deel en lot" die in zijn ondoorgrondelijke wijsheid de bokken zal scheiden van de schapen. De sfeertekening van een kleine gemeenschap in een vissersplaats waar iedereen alles van iedereen weet, is meer beklemmend dan beschuldigend.

Het boek is geraffineerd opgebouwd. Arend Falkenier wordt niet alleen getekend als een gevaarlijke godsdienstfanaticus, maar ook als iemand die zelf het slachtoffer is van een tirannieke vader, van een bepaald soort geloofsoverkondiging, van de angsten in hemzelf en van de unieke positie, die hij opeist en ook krijgt. Een gevaarlijke mix, die fataal wordt als dertien mensen vierentwintig uur per dag bij elkaar zijn zonder het schip te kunnen verlaten. Ook niet wanneer de duistere waarheid tot sommigen van hen langzaam begint door te dringen.

Aanklacht

'Waanzee' is een boek, dat waanzinnig goed geschreven is vanuit een grondige vertrouwdheid met bepaalde facetten van de hervormd-gereformeerde traditie, waartegen auteurs als Maarten 't Hart en Aleid Schilder zich met kwetsbare verbetenheid hebben afgezet. Op vele pagina's regent het bijbelteksten die te pas en te onpas worden gereciteerd. Het catechisatieboek van Smijtegelt speelt een hele speciale rol. De bulderende preken van ds Waalkamp behelzen een overmaat aan verkiezing en verwerping. Men zingt met overgave psalm 65: "Een stroom van ongerechtigheden had d'overhand op mij..." God wordt aangesproken met: "O algenoegzaam en volzalig, onveranderlijk en dierbaar Wezen".

Tegen m'n verwachting in blijven de mensen levensecht. Ook de wijze waarop de hoofdpersoon steeds verder verstrikt raakt in zijn eigen waanideeën is overtuigend getekend. De auteur maakt geen dogmatische karikaturen van zijn personages. Het blijven mensen van vlees en bloed, in al de diepere lagen van hun religieuze emotionaliteit en met al hun angsten en verlangens... Je zou het boek kunnen zien als één grote aanklacht tegen verkeerd opgevatte religieuze autoriteit met alle kwalijke gevolgen vandien.

Dat zulke processen levensgevaarlijk zijn, zeker als ze gekoppeld worden aan een overspannen verwachting van de eindtijd behoeft geen betoog. Daarvan hebben we niet lang geleden in Oeganda nog een sterk staaltje kunnen zien. Toen daar een kleine duizend mensen, door hun godsdienstige leiders misleid, een wisse dood vonden in massale slachtpartijen.

De lezer van 'Waanzee' zal wel achterblijven met allerlei vragen. Maar wat mij betreft niet met het gevoel, dat hier de gehele gereformeerde traditie als het ware in de beklaagdenbank wordt gezet. Wel is gepoogd op een integere en overtuigende manier te laten zien hoe bepaalde vormen van godsgeloof gruwelijk kunnen ontsporen. Als de gezonde nuchterheid uit het oog verloren wordt en te veel macht wordt toegekend aan enkelingen, die zich eenvoudigweg met God identificeren en daarin niet of te laat worden gecorrigeerd.


Eerder gepubliceerd in Centraal Weekblad, 21 juli 2000

robert haasnoot: waanzee

De Geus, Breda 1999, ISBN 90-522-6668-9


Meer informatie op deze website:

Externe links:

Overige bronnen:

  • column over Jesaja 55 door Robert Haasnoot in Ikon-krant januari 2000
  • column door Anne van der Meiden in VrijZicht december 1999
  • brief van Joop Burgerhout in Trouw 20 augustus 1999
  • brief van Jan Post in Trouw 17 augustus 1999
  • recensie door Hans van der Ploeg in Trouw 26 juni 1999
  • recensie door Rob van Erkelens in de Groene Amsterdammer 23 juni 1999
  • interview door Frans Willem de Zoete in HN 12 juni 1999
  • brief van A. de Leeuw in NRC 11 juni 1999
  • recensie door Sander van Vlerken in FD 9 juni 1999
  • recensie door Atte Jongstra in NRC 28 mei 1999

FD = Friesch Dagblad
HN = Hervormd Nederland
ND = Nederlands Dagblad
NRC = NRC/Handelsblad
RD = Reformatorisch Dagblad


 

 

 

Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur