Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken

 

Punt gemaakt, punt gezet

Over 'Kaddisj' (2006) van Menno van der Beek

Chroom Digitaal Poëzie, juli 2006

door Alfred Valstar

Na een herstart van de beroemde Windroos-serie van Uitgeverij Holland en een nieuwe Sandwich-reeks bij Uitgeverij 521 is ook het Nijmeegse BnM Uitgevers begonnen met een reeks dichtbundels in uniform uiterlijk. De reeks heet 'De Contrabas' en opende in februari 2006 met de derde bundel van de Rotterdamse dichter Menno van der Beek.

Eerder publiceerde Van der Beek, die sinds kort trouwens als redacteur meewerkt aan het tijdschrift Liter, bij Uitgeverij Mozaïek in Zoetermeer de bundels 'Vergezocht' (1999) en 'Waterdicht' (2002). De nieuwe bundel 'Kaddisj' gaat over de dood van de vader van de dichter en de titel verwijst naar het joodse gebed voor de doden (Kaddisj voor de rouwenden). Er zijn in het jodendom verschillende soorten Kaddisj waarvan het Kaddisj voor de rouwenden er een is. Het gebed wordt uitgesproken door een zoon van de overledene met als voorwaarde dat deze de bar mistvah-leeftijd heeft bereikt (13 jaar). In deze bundel "zegt" Van der Beek "Kaddisj" voor zijn vader. Het joodse Kaddisj biedt de christen Van der Beek een totale metafoor voor deze bundel en de dichter slaagt erin om joodse, christelijke, menselijke draden langs anekdotische weg met elkaar te verweven.

De bundel bestaat uit vier delen die elk van een motto zijn voorzien. De motto's werken als katalysatoren in op de gedichten. Het meest opvallende element in de bundel is de anekdotische stijl die de persoonlijk kant van het verhaal niet wegmoffelt, maar hooguit wat distantie schept en dat bevordert de leesbaarheid.

Señor

De gedichten zijn zeer vertellend van aard en behandelen naast het sterven van zijn vader ook diens leven in de periode voor dat sterven. Van der Beek gaat op directe en indirecte wijze te werk. In het eerste gedicht 'Señor' (blz. 7) schrijft de dichter over de ontmoeting tussen Johannes Paulus II en Bob Dylan, nadat deze voor hem had opgetreden. De titel is ontleend aan een nummer van Dylan van zijn album 'Street Legal'. Het bewuste nummer is een persoonlijk De Profundis. 'Señor' – niet voor de paus gezongen overigens – is Spaans en kan zowel "meneer" als "Heer" betekenen. Naast de ontmoeting van de zanger/dichter met de paus gaat het gedicht natuurlijk ook over de relatie tussen de dichter (zanger) en zijn vader (paus), getuige de opening:

De oren van de paus zijn een herinnering
aan hoe de oren van mijn vader waren
vlak voor het eind.

Met deze woorden weten we meteen genoeg: de paus is een beeld van zijn overleden vader. In het gedicht 'Anno Domini' (blz. 36) komt de paus terug. Nu is er aandacht voor zijn sterfbed. Het gaat over het oude ritueel met het hamertje, waarmee eeuwenlang de dood van een paus "bevestigd" werd. Ironisch genoeg is het juist JP II die dit gebruikt heeft afgeschaft. Het gedicht over de paus gaat natuurlijk ook weer over de vader van de dichter zelf. Ondanks het anekdotische karakter van dit gedicht zit de emotie onder het oppervlak. Zonder het hamertje staat men met "lege handen", "een laatste kleine kans" om te zien of "de paus" toch nog leeft. Ook de titels van de gedichten op bladzijde 7 en 36 zijn verwant: 'Señor' (Heer) en 'Anno Domini' (Jaar des Heren).

Roken

In diverse gedichten legt de dichter verband tussen het roken en het sterven van zijn vader. Voorbeelden zijn te vinden op blz. 23: "Hij trok begerig aan zijn sigaret", op blz. 27: "maar al mijn kleren ruiken naar zijn sigaretten" en op blz 33: "en ongehaast tast hij zijn pak af naar een sigaret". Het sterkste en meest anekdotische voorbeeld is 'Scène, in een tabakswinkel' (blz. 9), waar hij als een moderne Simson zaken recht wil zetten door de tabakshandelaar te vermoorden bij wie zijn vader sigaretten kocht:

Vanavond kreeg ik plotseling de geest. Die zegt:
je zult je vader moeten wreken. Zoek de man
bij wie hij sloffen sigaretten kocht
en knijp met blote handen hem de luchtpijp dicht.

Zo kan de handelaar zelf een gebrek aan lucht ervaren. De handelaar is echter niet op zijn achterhoofd gevallen en:

[…] Hij kijkt mij giftig aan
en presenteert een sigaret. Die kunnen we niet afslaan.

De geest is gewillig maar het vlees is zwak naar blijkt. De anekdotische stijl biedt Van der Beek de mogelijkheid om afkeer van het roken te combineren met menselijke zwakheid en de zonde waarmee we elkaar besmetten. Uiteindelijk weet de wraakzuchtige dichter er toch nog een overwinninkje uit te slepen:

Op mijn beurt dwing ik hem een pijp te roken:
de zaak staat blauw. De man grijpt naar zijn borstkas

en iedereen heeft het benauwd. Dit is een feest:
zo dicht bij het succes ben ik nog nooit geweest.

Vader is niet alleen een stevige roker maar ook een grote grappenmaker. Vaak verlangt de dichter terug naar het "ouderwets lachen" dat hij met zijn vader deed ('Royal Diana portable'). Deze humor krijgt in de gedichten van de zoon dikwijls slapstick-achtige contouren. Het is duidelijk een motief in deze bundel, al had het misschien nog iets gevarieerder kunnen worden uitgewerkt.

Joods

De verwijzing in de titel naar het joodse gebed krijgt een uitwerking in de gedichten 'Señor' (blz. 7), 'Petite Histoire' (blz. 11) en 'Clausule' (blz. 12). In deze drie gedichten worden zonen van Israël ten tonele gevoerd die in hun werk de dood hebben "verbeeld". Het gaat respectievelijk om Bob Dylan ('Knockin' On Heaven's Door', 'Dead Man', 'Death Is Not the End'), Gustav Mahler (2e symfonie 'Auferstehungs-Symphonie' en de 'Kindertotenlieder) en Houdini, de boeienkoning die overal uit ontsnapte maar niet aan de dood ontkwam. De dichter voert ons naar zijn begrafenis alsof het om een van zijn trucs ging:

Op elk moment tijdens de plechtigheden

had dus de kist weer open kunnen klappen
omdat per ongeluk een palletje verschoof.

En toch verdween hij zonder incidenten

Bob Dylan komt naast het gedicht op blz. 7 ook voor in het motto van het eerste deel van de bundel, dat Van der Beek ontleende aan diens 'Last Thoughts on Woody Guthrie'. Een stuk waarin de luisteraar de zanger echt als dichter hoort met een indruk-wekkende voordracht. Achteraf profetische woorden, wat mij betreft. Van der Beek trekt hier een zelfde parallel als in 'Señor'; hier is de paus echter vervangen door de legendarisch folkzanger Woody Guthrie, die toen hij in het ziekenhuis lag door Dylan werd bezocht.

Finale

In de 'Epiloog' van de bundel zet de dichter een punt in het gedicht 'Non Sequitur' ("wordt niet vervolgd"). Het herinnert aan gedichten als 'Noli me tangere' van Gerrit Komrij, waarin ook de nadruk valt op het lezen zelf en het effect daarvan op de lezer.

Non Sequitur

U weet genoeg. Nu zijn mijn vingers weer van mij
want ik ben uitgepraat. En u gaat mij
verlaten, want u maakt het niet te laat.

Ik wil mijn vader in de hemel graag bedanken
maar wacht nog op een goed moment. Ik kan
u en mijn vader soms niet uit elkaar houden.

Bent u daar nog? Zoals gewoonlijk liggen
de kaarten bijna ongemerkt weer anders;
u steekt een sigaret in uw gezicht
en houdt mijn boekje in de linkerhand:

U leest. En één van ons kan doodvallen
maar tussen ons hoeft nooit iets te veranderen.

De draden lopen door elkaar en komen samen: de vader, de paus (papa), de hemelse Vader, de dichter en de lezer. Nog een laatste keer zet de zoon zich af tegen het roken. De sigaret wordt "in het gezicht" gestoken, niet zozeer in de mond. Zijn vader is bij God. De dichter heeft een punt gemaakt en gezet. Een prachtig document van verwerking en bezinning.

 


menno van der beek: kaddisj (de contrabas I/1)

BnM Uitgevers, Nijmegen 2006, ISBN 90-779-0722-x


Meer informatie op deze website:

Externe links:

Overige bronnen:

  • recensie door Mart van der Hiele in Liter december 2006
  • recensie door Piet Gerbrandy in VK 14 april 2006
  • poëziecolumn door Liesbeth Goedbloed in ND 31 maart 2006

AD = Algemeen Dagblad
CW = Centraal Weekblad
FD = Friesch Dagblad
RD = Reformatorisch Dagblad
ND = Nederlands Dagblad
NRC = NRC/Handelsblad
VK = de Volkskrant
VN = Vrij Nederland


Terug naar boven

 

 

 

Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur