|
|
![]() |
| Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken |
|
CommentaarJan Wijnen over 'Het echte leven is nu' (2004) van Bert van Weenene-mail 9 november 2004 Beste Bert, Bedankt voor je boek. Eindelijk ben ik er aan toegekomen. Het gaat over een wereld die ik alleen ken uit beschrijvingen. Zelf ben ik wel heel wat vrolijker opgevoed dan de hoofdpersoon Peter. Voor mij is 'Het echte leven is nu' een verslag van een bij de dood van de vader manifest geworden fundamenteel verdriet. De flashbacks geven veel meer aan dan verdriet om een overleden vader (die misschien niet eens naar de hemel mag, ondanks zijn angstige zondeloze leven, een extra reden tot bitterheid): ze gaan over het verdriet van een gemiste jeugd. Wat opvalt in je boek is de soberheid, de kaalheid van schrijven, die ik heel functioneel vind. Het maakt de zwaarmoedigheid voelbaarder, het gebrek aan relativeringsvermogen, aan humor. De onmacht tot communicatie tussen de vader en de zoon wordt duidelijk in beeld gebracht. Het probleem ligt hierin (althans zo lees ik 'Het echte leven is nu') dat de vader onmachtig is een eigen kritisch vermogen te ontwikkelen, gekerkerd als hij is in de kerk. De zoon weet zich hieraan wel te ontworstelen maar slechts gedeeltelijk: die trage triestheid kleeft ook (misschien juist) aan zijn persoon op de dag na de begrafenis, het onvermogen tot communiceren heeft hij geërfd van zijn vader, van zijn opvoeding. Toch is het ook een optimistisch boek (er is wel enige ruimte tot ontworsteling) maar niet al te zeer (zo groot is die ruimte toch ook weer niet.) Uit de titel van het boek is meteen al de kerkelijke achtergrond duidelijk. Het hoofdthema is een zich afzetten tegen de idee dat men moet leven volgens de normen (1) die in het verleden gesteld zijn en (2) die leiden naar een hemelse toekomst. Het leven van nu is in die benadering alleen maar een tussenfase waarin men geen fouten moet maken of het is gebeurd. Geen wonder dat een grote mate van creativiteit niet wordt gestimuleerd, sterker nog: alleen kan voortkomen uit een zich verzetten tegen die achter-grond. Peter is passief, neemt zelf geen verantwoordelijkheid, is slachtoffer. (Heb je dat zo gedaan om aan te geven dat dat als het ware een onderdeel van het 'ziektebeeld' is?) Opvallend (en functioneel) vond ik het bijna ontbreken van de moeder (en de echtgenote). Dat heb je ongetwijfeld gedaan (of interpreteer ik niet goed?) om impliciet duidelijk te maken hoe in Peters leven de rol is van de vrouw: dienend en afwachtend. Het gaat over een gemeenschap van mannenbroeders, een omgeving waar de mannen de dienst uitmaken, ook al zijn ze zo dom als de op koekjes beluste ouderling Steenis. Het verdriet van Peter wordt zwaar aangezet in de symboliek van het donkere weer, de ziektetoestand en het bijna-onvermogen lichamelijk op de been te blijven. Ik herken (maar in minder heftige termen) veel van de pijn die in 'Het echte leven is nu' wordt beschreven, ook al is mijn "losmakingsproces" op een soepeler manier verlopen. Veel minder dan jouw hoofdpersoon hoefde ik me te bevrijden uit een hermetisch gesloten wereld die bijna alleen een uitgang kende aan de kant van de hel. Maar voor Peter blijft het einde (van het boek) toch enigszins open. Hij kan terugvallen in het oude geloof of hij kan zich verder ontwikkelen. Dat is eigenlijk al het begin van de tweede fase in de reeks geloof-hoop-liefde. Hoe het verder gaat met de hoofd-persoon ga je beschrijven in de volgende delen. Ik ben benieuwd! Hartelijke groet. Blijf schrijven! |
|
|
|
|
|
Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur |