Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken

 

Een kleine schelp

in memoriam Nel Veerman 1909-2002

Chroom Digitaal Poëzie, 15 februari 2002

door Alfred Valstar

 

VERTREK

Twee zijden heeft vertrek:
het is een onderkomen
maar het zegt ook:
betrekkelijk
is al ons wonen,
vertrek is blijven
maar het is ook
gaan

Nel Veerman
(uit: 'Grensgebied', Merweboek, Sliedrecht 2000)

 

Toen ik Nel Veerman voor het eerst ontmoette was zij 84 en ik 34. We hadden allebei iets met poëzie en woonden (toen) allebei in Putten. Ik mocht voor haar de presentatie van haar bundel 'Een kleine schelp en de grote zee' verzorgen en iets eerder al namen we samen deel aan een voordracht met andere dichters. Vanaf 1993 zocht ik haar een aantal keren per jaar op, zowel om te kijken hoe het met haar ging, als om te praten over dichters en gedichten. Al vanaf de eerste gesprekken viel me op hoe scherp haar waarnemingen waren en hoe opmerkzaam haar lezen. Met een altijd voelbare afkeer van oppervlakkigheid, uit welke hoek die ook kwam, beleefde ze de taal en schreef ze haar gedichten. Eenvoud was voor haar iets heel anders dan simplisme. Niet dat ze de polemiek zocht, ze profileerde zich kalm met een eigen stijl.

De gedichten van mijn eigen hand, die ik haar zo af en toe liet lezen, weken behoorlijk af van de hare, maar ze las ze nieuwsgierig en wist vaak behoorlijk snel mijn bedoelingen te plaatsen. Het verschil, qua leeftijd en taalstijl, dat er tussen ons bestond, was nooit een probleem, sterker, het leek de communicatie juist te stimuleren. De omgang met "tijdgenoten" was niet altijd even vanzelfsprekend. Wel voelde ik bij haar goed dat ik pas kwam kijken.

Nel Veerman was een betrokken vrouw en breed geïnteresseerd. De mensen die haar dierbaar waren gingen haar natuurlijk aan het hart, maar haar belangstelling betrof, zoals ik het mij herinner, velen buiten haar directe kring. Bij een nieuw bezoek wist ze altijd een paar gespreksthema's van de vorige keer weer op te pakken en verder uit te werken.

Op de rouwkaart las ik: "Ik blijf de Heer verwachten", een houding die sprekend haar wezen en haar geloof typeerde. Zoals gezegd schuwde ze oppervlakkigheid in al zijn vormen. Ook geestelijk oppervlakkigheid pikte ze er uit met een directheid waar ik veel van kon leren. Het ging haar steeds om het zoeken naar de wezenlijke beleving van een innerlijke overtuiging, ook in haar gedichten.

GRENSGEBIED (fragment)

de laatste kaart berust nog in Uw hand,
maar was mijn weg niet altijd al in wezen
geloven in de weg naar het onbekende land.

 


Meer informatie op deze website:


Terug naar boven

 

 

 

Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur