Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken

 

Fraai tweeluik over jeugd, werk en liefde

Over 'En najagen van wind' (2004) van Alex Verburg

Chroom Digitaal Proza, augustus 2004

door Bert van Weenen

Inmiddels heeft Alex Verburg, die bekendheid kreeg door interviews voor het blad Libelle en een biografie over Liesbeth List, twee romans gepubliceerd met een mooie ingetogen, bedachtzame stijl. Twee jaar geleden debuteerde Verburg bij De Arbeiderspers met 'Het huis van mijn vader', een sfeervol verhaal over het opgroeien van een homofiele jongen in een gereformeerde omgeving. Met dit melancholiek getoonzette boek oogstte Verburg terecht veel lof in de pers en het werd diverse malen herdrukt.

alex verburg: het huis van mijn vader (2002)alex verburg: en najagen van wind (2004)

Alles ijdelheid

Afgelopen juni verscheen Verburgs tweede roman. Met een verwijzing naar een bijbeltekst die zo'n tien keer voorkomt in het bijbelboek Prediker, luidt de titel van dit nieuwe boek: 'En najagen van wind'. (Een titel die tussen twee haakjes herinnert aan 'En joeg de vossen door het staande koren' van Jan Siebelink.) In het verhaal komt deze tekst voor in een veel betekenende passage op bladzijde 183-184 waarin de hoofdpersoon Peter nadenkt over zijn leven:

"Hij wist niet of dat voor iedereen gold, maar puur op z'n gevoel zou hij zeggen dat zijn leven uit twee gelijke helften bestond: de heerlijkheid van zijn jeugd met de intensiteit van alle eerste keren, en de jaren die hem daarna waren gegeven, de jaren van bezonnenheid, van je staande zien te houden in een wereld waar argeloosheid genadeloos werd afgestraft. Als het allemaal niets meer werd met 'Lavendel' [het tijdschrift waarvoor Peter werkt; BVW] en hij zich nog eens aan het schrijven van een boek zou wijden, dan moest het daarover gaan, over die eerste helft."

Waarna een serie herinneringen volgt die eindigt met:

"Na de maaltijd zou zijn vader weer ritselen door de bijbelboeken, op zoek naar een passende tekst. 'IJdelheid der ijdelheden,' zou hij lezen, 'ook dit is ijdelheid en najagen van wind.' "

Literair tweeluik

'Het huis van mijn vader' en 'En najagen van wind' vormen een tweeluik over het leven van iemand als Alex Verburg - het is niet geschreven als autobiografie - waarbij de gelukkige jaren van het zondagskind Floris uit het eerste boek worden gevolgd door de vermoeiende tijd van journalist Peter bij het tijdschrift Lavendel (ongetwijfeld gemodelleerd naar het damesblad Libelle).

De verhaallijnen over gezinsleven en homo-erotiek uit 'Het huis van mijn vader' heeft Verburg in zijn tweede boek netjes doorgetrokken en daar aangevuld met het verhaal van de reorganisatie bij het tijdschrift Lavendel. In nostalgie (Boek 1) is Verburg beter dan in het beschrijven van reorganisatieperikelen (Boek 2), vind ik, maar desalniettemin sluiten zijn twee romans mooi op elkaar aan en valt er in beide boeken veel te genieten. Ook de titels zijn trouwens goed gekozen: bij het huis van je vader denk je meteen aan iemands jeugd, bij het najagen van wind aan het werken voor nog meer geld en roem.

Zelf heeft Verburg het verband tussen de twee romans benadrukt door gedeelten van 'Het huis van mijn vader' in zijn tweede boek te parafraseren of ietwat aan te vullen. Wel is het verwarrend dat de personages opeens andere namen dragen, Floris werd Peter, Olivier Olaf. Dat duwt de boeken weer wat verder uit elkaar. Ook merkte ik bij het lezen, dat deze parafrases uit boek 1 afleiden van het verhaal als je recent de (sterkere) originelen gelezen hebt. Dat had ik bijvoorbeeld bij de passage waarin de bijlesleraar voorleest uit Couperus (blz. 107; in het eerste boek blz. 175).

Helemaal aan het eind van 'En najagen van wind' noemt Peters moeder hem een zondagskind, wat direct verwijst naar de fraaie beginzin van 'Het huis van mijn vader': "Ze noemen mij een zondagskind". Het lijkt erop dat hiermee het tweeluik is afgesloten.

Misschien wel homo

De homoliefde vertoonde in 'Het huis van mijn vader' nog tamelijk idyllische trekjes, waarbij Alex Verburg kunstig wist te balanceren op het snijvlak tussen ontroering en overdreven sentiment. De ontluikende liefde tussen Floris en zijn bijlesleraar Olivier is bijzonder overtuigend weergegeven. Als Floris op bladzijde 156 aan Olivier vraagt: "Denk jij dat ik homo ben?", is de lezer er al lang van overtuigt dat Floris daaraan niet hoeft te twijfelen.

In 'En najagen van wind' verhardt deze situatie als Peter wordt afgewezen door een jeugdvriend en op zoek naar troost in een slagerij wordt verkracht (hoofdstuk 36). Een scène die mij deed denken aan de choquerende verkrachtingsscène in de speelfilm 'Spetters' van Paul Verhoeven en die ik maar zo-zo in het verhaal vind passen, omdat de agressieve kant van de homowereld verder eigenlijk nergens in het boek wordt uitgewerkt. Deze scène functioneert nu vooral als schokeffect, maar veertien bladzijden later is het boek al uit en de lezer blijft daardoor zitten met een onaangenaam gevoel dat volgens mij niet correspondeert met de rest van Verburgs innemende roman.

Aan het begin van 'En najagen van wind' heeft Peter een relatie met een vrouw, Emmy. In de loop van het boek verwatert die relatie doordat Peter ontdekt toch nog steeds op mannen te vallen. Deze seksuele onzekerheid draagt bij aan de levensechtheid van Verburgs verhaal.

Het gereformeerde van vroeger

Religieuze motieven zijn in 'En najagen van wind' wat minder dik gezaaid dan in Verburgs debuutroman. Op bladzijde 77 staat een verwijzing naar Peters gereformeerde jeugd:

"Hij glimlachte. Het speet hem niet, die protestants-christelijke opvoeding die hij genoten had. Het was een tijdje mode geweest er flink op af te geven, met schrijvers als Wolkers en 't Hart voorop. De poëzie van Psalmen, Spreuken, Prediker, Hooglied, wie zou daar nou slechter van worden? Ook toen zijn moeder na de dood van zijn vader moeizaam door de dagen ging, bond zij haar kinderen op het hart ondanks alle twijfels de tale Kanaäns niet te vergeten en God te blijven zoeken."

In de hoofdstukken 19 t/m 21 wordt er afscheid genomen van de Zuiderkerk, die zal worden vervangen door een filiaal van Albert Heijn. En verder viel mij wat dit betreft hoofdstuk 27 op, waarin Peter als interviewer spreekt met Nico ter Linden en Jos Brink over sterven en het hiernamaals. De uitspraken van Ter Linden en Brink dient de lezer letterlijk te nemen, uitgaande van het bericht voorin de roman:

"Elke overeenkomst met bestaande personen of gebeurtenissen berust op toeval. De ontmoetingen daarentegen die de hoofdpersoon heeft met de bekende persoonlijkheden die in dit boek voorkomen, zijn aan de werkelijkheid ontleend."

Zo kan Alex Verburg in zijn tweede roman ook mooi gebruik maken van zijn eigen ervaringen als journalist. Misschien staan er zelfs citaten tussen uit eerder gepubliceerde interviews; dat heb ik verder niet meer gecontroleerd, want is ook niet direct van belang voor de overtuigingskracht van het boek.

Een reorganisatiedrama

De passages waarin het gaat over de reorganisatie bij Lavendel zijn zeer herkenbaar voor mensen die zelf met een reorganisatie te maken hebben gehad. Vooral de manier waarop managers zich tijdens zo'n herstructurering van een bedrijf gedragen, is kennelijk overal hetzelfde en steeds even bedroevend. Gesprekken met vers aangetrokken leidinggevenden leveren niks op en de werknemer blijft, net als Peter in Verburgs verhaal, rondlopen met hartkloppingen, maagklachten en hoofdpijn (blz. 227-228).

Hoofdstuk 24, over een ontmoeting met Syb van der Ploeg, toen nog leadzanger van De Kast, is een gaaf hoofdstuk waarin alle verhaallijnen samenkomen. En op bladzijde 207 komt Peter tot de sombere conclusie dat hij op alle drie de fronten vast zit:

"Eigenlijk hoorde hij nergens bij. Toen niet, nu niet. De familie als eenheid waartoe hij zich ooit had gerekend, bestond niet meer. Voor vrouwen was hij een onbetrouwbare partner geworden en aan de codes van de heren die elkaar de liefde beleden, kon hij niet wennen; het manifeste van hun optreden, hij wist zich er soms geen raad mee. Ook op zijn werk lag hij eruit. Zijn verzet tegen de mal van de starre formats waarin ze hem probeerden te persen, had hem de reputatie van onbuigzaamheid bezorgd. Intern gold hij als een paria omdat hij zich niet committeerde, bij zijn vakbroeders daarbuiten was hij een paria omdat hij zich committeerde aan een blad dat 'Lavendel' heette."

Alex Verburg kiest in 'En najagen van wind' niet voor de gemakkelijke oplossing. Het leven valt niet mee, zo is het gewoon. Maar de gelukkige momenten weet hij wel haarscherp op papier te zetten. Ik kijk al uit naar zijn derde roman.

Leerdam, 17 augustus 2004

 


alex verburg: en najagen van wind

De Arbeiderspers, Amsterdam 2004, ISBN 90-295-5188-7


Externe links:

Overige bronnen:

  • recensie van 'Het huis van mijn vader' door Gerrit Kraa in Reveil juli-augustus 2004
  • recensie door Hanna de Heus in Trouw 26 juni 2004
  • recensie door Oene Kummer in Spits 25 juni 2004
  • column door Beppie de Rooy in Wapenveld oktober 2002

AD = Algemeen Dagblad
CW = Centraal Weekblad
FD = Friesch Dagblad
RD = Reformatorisch Dagblad
ND = Nederlands Dagblad
NRC = NRC/Handelsblad
VK = de Volkskrant
VN = Vrij Nederland


Terug naar boven

 

 

 

Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur