|
|
![]() |
| Weblog | Proza | Poëzie | Columns | Audio | Zoeken |
|
Weblog januari 2003door Bert van Weenen
|
|
28 januari 2003. De Parelduiker is het meest interessante literaire tijdschrift van Nederland. Het bevat geen verhalen en gedichten maar uitsluitend artikelen op het terrein van de geschiedenis van de moderne Nederlandse litera-tuur. En door deze - vrijwel altijd boeiende - artikelen kan De Parelduiker uitstekend concurreren met de andere literaire bladen, die het toch vooral moeten hebben van voorpublicaties van werk van bekende auteurs. De podium-functie van het literaire tijdschrift is bijna overal, een eenzame uitzondering als het Rotterdamse Passionate niet te na gesproken, verdwenen achter het eigenbelang van de uitgever die het tijdschrift financiert. In het nieuwste nummer van De Parelduiker schrijft Mieke Koenen over brieven die Ida Gerhardt (1907-1995) stuurde aan haar oud-leerling uit Kampen Henk van Ulsen. Het waren in totaal 19 brieven en 7 briefkaarten, waarvan de meeste integraal zijn opgenomen in Koenens artikel. In de brieven figureren ook Huub Oosterhuis en zijn vrouw Josefine, de IJsselschilder Jan Voerman en Gerhardts uitgever Johan Polak. Bij lezing van al dit nieuwe materiaal viel het Mieke Koenen op "met hoeveel zorg en toewijding de meeste berichten geschreven zijn. Vaak zijn het mooie en levendige stukjes proza, waarin ook allerlei wetenswaardigs te vinden is over de ontstaansgeschiedenis en achtergrond van Gerhardts gedichten." Ik deel die mening niet. Ida Gerhardt haalt in haar brieven beslist niet het niveau van bijvoorbeeld Gerard Reve; de teksten zijn door de opeenstapeling van accenten en onderstepingen lastig te lezen en van haar geklaag en overdreven gezeur word je nu niet bepaald vrolijk. "Mijn decenniën lange ervaring heeft mij geleerd dat de mensen op het punt van poëzie bijna allemaal onvoorstelbaar dom zijn," zo schrijft mevrouw Gerhardt op 13 oktober 1972 aan Van Ulsen. Vooral haar etherische plichtsbesef zal bij sommige lezers irritaties opwekken. Nog een typerend citaat, dat refereert aan de tijd dat Ida Gerhardt in de kost was bij de familie Van Ulsen: "Ik, die zo'n onzegbare rotjeugd heb gehad, heb heus wel gezien wie je Moeder voor jullie was. Een Moeder per definitie, een Absolute Moeder, die één wachtwoord had: 'de jongens'. Zij zou òns, haar huisgenoten-op-kamers, volgaarne in de kachel hebben opgestookt als het mogelijk was geweest dat jullie je daar aan had kunnen warmen. Dit was mij aanstonds duidelijk, en ik heb het haar, hoewel zèlf met een sterke wil en een laaiend temperament gezegend, noòit werkelijk kwalijk genomen." (brief van 23 oktober 1974) Gerhardts brieven in De Parelduiker sluiten aan bij een eerdere publicatie van Gerhardt-brieven door Maria de Groot: 'In gesprek met Ida Gerhardt' (Ten Have, Baarn 2002). De brieven aan Marie de Groot stammen uit het jaar 1979 en daarna. Aanleiding was het interview dat Maria de Groot schreef voor het tijdschrift Wending en dat ook is opgenomen in dit boek, naast een paar beschouwingen over Ida Gerhardts inmiddels klassieke poëzie. Ida Gerhardt Genootschap Mensen die nog meer van en over Ida Gerhardt willen lezen, kunnen sinds 15 augustus 2002 donateur worden van een heus genootschap. Dit genootschap wil de belangstelling voor Ida Gerhardt levend houden door het organiseren van bijeenkomsten, het (doen) verrichten van onderzoek en het uitgeven van een nieuwsbrief. Kosten voor een donateurschap zijn € 24, over te maken op rekening 34.64.78.979. De eerste bijeenkomst van het Ida Gerhardt Genootschap zal plaatsvinden op 11 mei 2003 in Zutphen. Medewerking verlenen onder andere Anneke Reitsma en Mieke Koenen. Informatie over De Parelduiker kun je vinden op de website van Uitgeverij Bas Lubberhuizen: www.lubberhuizen.nl.
9 januari 2003. Gistermiddag overleed de dichter Lode Bisschop in Amersfoort aan de gevolgen van een longontsteking. Tussen 1967 en 1992 publiceerde hij een handvol bijzondere dichtbundels: 'Op zwart naar wit' (1967), 'In en om' (1970), 'Inbreng' (1973), 'Uitersten binnenste buitersten' (1977) en 'Naslaagwerk' (1992). In 1991 stelde zijn plaatsgenoot Hans Werkman onder de titel 'Split' een mooie bloemlezing samen uit Bisschops werk, waarbij diens religieuze gedichten centraal stonden. Van de vele korte verhalen die Lode Bisschop ook schreef, kwamen er in 1995 een aantal terecht in de bundel 'Kolder om eigen dood en andere verhalen'. Lode Bisschop was een bekende figuur in de Amersfoortse binnenstad en publiceerde gedichten in verschillende literaire tijdschriften, waaronder Ontmoeting, Woordwerk en Chroom. Hij was iemand met de reisdrift van Boudewijn Büch, de sensualiteit van Adriaan Morriën en de visuele fantasie van Jeroen Bosch, schrijft Bert van Weenen in zijn in memoriam.
De begrafenis vindt plaats op dinsdag 14 januari op de begraaf-plaats Rusthof aan de Dodeweg te Amersfoort, om 12.30 uur. Van 11.30-11.55 uur is er gelegenheid tot afscheid nemen in het uitvaartcentrum De Haan en Van de Kamp, Mozartweg 58 te Amersfoort.
3 januari 2003. Evenals in 2001 waren de kerstgedichten op de Chroom-site ook in 2002 populair. In de maanden november en december kwamen er bijna 50.000 bezoekers op onze site. In 2001 waren dat er in dezelfde periode zo'n 33.000. De verzameling wordt gedurende het jaar steeds aangevuld. De meest recente kerstgedichten waren van Hans Andreus, Kees van Baardewijk, Adriaan Bouter, Lenze L. Bouwers en Wim Hoogers. Het gedicht 'Simeon' van Jaap van der Molen werd ook geplaatst in het christelijke maandblad Reveil.
|
|||
|
|
|||
|
|
|
Chroom Digitaal: online vraagbaak voor religieuze en christelijke literatuur |